Zomeroverpeinzingen Deel II

Samenwerken in de strijd tegen witwassen


Door Martin van Manen


Collega IFFC-bestuurslid Jethro Vrouwenfelder publiceerde deze zomer zijn zomeroverpeinzingen rond het thema samenwerken in de strijd tegen witwassen. Met als uitgangspunt de vraag wat er in een ideale wereld op het vlak van samenwerken mogelijk is, lanceerde hij een drietal interessante opties voor de toekomst. Geïnspireerd door zijn ideeën neem ik het stokje van hem over. Ook deze Overpeinzingen Deel II zijn bedoeld als uitnodiging aan iedereen met interesse in dit onderwerp om te reageren.




Zomeroverpeinzing 4 – Een slimme en robuuste feedback cyclus naar poortwachters

De Financial Intelligence Unit Nederland ontvangt van een groot aantal poortwachters (banken, maar bijvoorbeeld ook accountantsbedrijven en notariskantoren) jaarlijks een berg aan zogeheten meldingen over ongebruikelijk transacties. FIU-NL stelt vast of deze transacties verdacht zijn en stuurt deze door aan opsporingsdiensten: in 2020 betrof het 722.247 meldingen. Wat echter niet gebeurt is dat de organisaties die de ongebruikelijke transacties aanleveren door FIU NL op de hoogte worden gesteld van de uitkomsten van hun beoordeling. Vanuit het perspectief van de ‘melders’ verdwijnen de meldingen dus in een black box. Het merendeel van de meldingen wordt aangeleverd door de banken. Hun poortwachtersrol zou vele malen effectiever kunnen worden ingevuld als informatie vanuit FIU NL zou worden ‘teruggegeven’ aan de toeleverende banken. Recente initiatieven zoals de projectmatige samenwerking in de Serious Crime Taskforce tussen banken, FIU NL, Politie, Openbaar Ministerie en de Fiscale Inlichtingen en Opsporingsdienst zijn een goede stap in de richting maar wat betreft omvang en impact van de behandelde dossiers nog een druppel op de gloeiende plaat. Laten we mede met behulp van informatietechnologie vaart maken met een slimme en robuuste feedback cyclus.


Zomeroverpeinzing 5 – Kansen voor verbetering van opvolging in de meldketen

In de vorige overpeinzing noemde ik de 722.247 meldingen die in 2020 zijn aangeleverd door de meldende organisaties. Daarvan zijn er door FIU NL 103.947 als ‘verdacht’ doorgestuurd naar de opsporingsinstanties. Bij het beoordelen en selecteren van deze verdachte transacties vervult de FIU-NL geen rol. Dat is aan de opsporingsdiensten en het Openbaar Ministerie. In het rapport ‘Bestrijden Witwassen – deel 3; stand van zaken 2021’ stelt de Algemene Rekenkamer [1] dat ‘het niet realistisch is dat opsporingsdiensten alle verdachte transacties beoordelen en waar nodig opvolgen. De opsporingsdiensten hebben onvoldoende capaciteit om alle verdachte transacties te beoordelen en moeten de capaciteit die ze hebben ook inzetten voor andere zaken.’ De Rekenkamer adviseert om meer aan de hand van risicoanalyses de meest risicovolle verdachte transacties te selecteren. Opsporingsinstanties zouden daarna in samenspraak met het Openbaar Ministerie vervolgacties en taakverdeling moeten vaststellen waarbij ook andere organisaties in de keten (zoals gemeenten en toezichthouders) een rol krijgen. Laten we dit advies snel opvolgen en in proefprojecten ervaring opdoen om opvolging in de meldketen te verbeteren.


Zomeroverpeinzing 6 – Aanpak van verticale fraude

Verticale fraude is fraude gepleegd door een burger op kosten van de overheid en dus de samenleving. Voorbeelden zijn COVID-financieringsfraude, zorgfraude en belastingaangiftefraude. De bestrijding van verticale fraude is een uitdaging: de stukjes informatie die nodig zijn om de fraude te identificeren zijn verspreid over meerdere personen, bedrijven, financiële instellingen en organisaties. Versnipperde verantwoordelijkheid leidt vaak tot diffuse verantwoordelijkheidsverdeling. Door samenwerking en duidelijk centraal gecoördineerd beleid kan dit risico echter worden beperkt. De toeslagenaffaire heeft ons geleerd om heel zorgvuldig naar onderdelen van zo’n aanpak te kijken. Denk hierbij aan te rigide wetgeving, vooringenomen profiling en onzorgvuldige toepassing van de privacywetgeving. In deze overpeinzing wil ik nader ingaan op de privacy aspecten. Als de sleutel tot een succesvolle aanpak van verticale fraude informatiedeling is, hebben we met de privacywetgeving het eerste obstakel te pakken, maar wellicht zijn er mogelijkheden om hiermee om te gaan.


Recente ontwikkelingen tonen aan dat het mogelijk is om zonder uitwisseling van feitelijke persoonsgegevens toch gegevens uit te wisselen tussen meerdere deelnemende partijen op een bilaterale basis. FCInet is een initiatief van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst en de Britse HMRC (de Engelse Belastingdienst en Douane). FCInet is een internationaal gedecentraliseerd netwerk met als doel gegevens uit te wisselen tussen meerdere deelnemers gevestigd in verschillende landen. De uit te wisselen gegevens kunnen betrekking hebben op gegevens die mogelijk relevant zijn voor andere deelnemers in relatie tot onderzoeken naar financiële (fiscale) onregelmatigheden of misdrijven. Dit kunnen onder andere de persoonsgegevens zijn die worden verzameld in een filter voordat ze door een van de deelnemende organisaties naar een andere worden verzonden. Het filter zelf bevat op geen enkele wijze directe verwijzing naar persoonsgegevens, zoals naam, geboortedatum, etc. De ontvangende deelnemer kan vervolgens proberen het ontvangen filter te matchen met gegevens die bij de ontvanger in bezit zijn. Als er een overeenkomst optreedt, kan de ontvanger van het filter afleiden dat bepaalde informatie die bekend is bij de ontvanger ook bij de verzender bekend is. Een ‘AVG compliant’ aanpak dus. Ik sprak in de vorige overpeinzing al over een proefproject. Zullen we een proef starten met enkele gemeenten en de FCInet-methode voor gegevensuitwisseling inzetten voor de aanpak van verticale fraude? Just a thought….


Jouw overpeinzingen?

Evenals in het vorige artikel sluiten we af met de opmerking dat slechts enkele denkrichtingen zijn opgeschreven. Hoe interessant zou het zijn om samen de mogelijkheden verder te verkennen? Wellicht zijn er onder de lezers meer zomeroverpeinzingen. Wees dan van harte uitgenodigd om deze te delen.


In elk geval zal het IFFC op 1 september in een kick-off bijeenkomst met degenen die zich hebben aangemeld om mee te denken met de voorbereiding van een Nationaal Akkoord Financiële Veiligheid de ervaringen, ideeën en wensen inventariseren. Een mooie uitdaging en opdracht: zonder belemmeringen nadenken over versterking van de publieke en private samenwerking in de strijd tegen financiële criminaliteit!


[1] https://www.rekenkamer.nl/publicaties/rapporten/2022/06/08/bestrijden-witwassen-deel-3-stand-van-zaken-2021