HSD Campus
Wilhelmina van Pruisenweg 104
2595 AN Den Haag

+31 (0)70 204 50 11
info@iffc.nl

Wilt u op de hoogte blijven van alle IFFC-activiteiten?

Meld u aan voor de nieuwsbrief!

Blogs 2019: Wauw!    |    Agenda 07-03-2019 Fraudecafé: Vitale Schakels in de Criminele Industrie    |    Blogs A plea for an ex parte disclosure order     |    Publicaties Criminele inmenging in sportverenigingen een probleem?!    |    Projecten Project Trendwatch    |    Evenement Dag van de Fraudeonderzoeker

Maak kennis met Menno Israël;
Programmamanager Data Science binnen het IFFC en oprichter van het I-lab

Het IFFC groeit en is volop in ontwikkeling. Het jaar 2018 stond in het teken van de opstart van nieuwe activiteiten die moeten zorgen voor meer vernieuwing in de publiek-private samenwerking tegen financieel-economische criminaliteit (fec). Het gebruik van data speelt hierbij, wat het IFFC betreft, een belangrijke rol. Onder leiding van Menno Israël is het IFFC eind 2018 van start gegaan met het I-lab waarin nieuwe manieren van informatiedeling tbv kennis- en inzichtontwikkeling op fec gestalte moeten krijgen.  
 

Kan je jezelf even kort voorstellen?

Mijn achtergrond ligt in de cognitiewetenschap en kunstmatige intelligentie. Sinds mijn studie in Nijmegen heb ik dit onderwerp eigenlijk nooit meer losgelaten. Ik ben in 1998 begonnen als data scientist bij een softwareontwikkelaar en heb daarna als medeoprichter een eigen bedrijf opgezet gericht op product en business development met als belangrijkste componenten tekst- en webmining. In 2008 ben ik als forensisch data scientist begonnen binnen het NFI, waar ik ook als teamleider, samen met mijn team, de nieuwe discipline ‘intelligente data-analyse’ heb opgezet, waarbij wij forensische (big) data analyse diensten leverden ten behoeve van o.a. politie, OM, FIOD, IND, FIU, kortom de gehele OOV keten. Later heb ik als specialistisch coördinerend adviseur, nog steeds vanuit het NFI, grote innovatieve datatrajecten ontwikkeld, met soms meer dan tien overheidsinstanties, met toezicht, opsporing en handhaving. Daarna heb ik, in een relatief kort avontuur in 2017 en 2018, als Chief Science Information Officer bij het Erasmus Medisch Centrum gewerkt: in deze nieuwe functie ontwikkelde ik de IT-visie en meerjarenstrategie ten behoeve van het onderzoeksproces in het Erasmus MC; data, AI, maar ook privacy en (organisatorische) wendbaarheid stonden daar centraal. Toen ontdekte ik ook dat ik het meest op mijn plek ben op het snijvlak van uitvoering en strategie, en dat kan ik nu bij het IFFC doen.
 

Je bent binnen het IFFC betrokken bij de oprichting van het I-lab, wat houdt dit in en waarom is dit I-lab belangrijk?

Het IFFC gaat met name over kennis- en informatiedeling op het gebied van fec en de samenwerking tussen publiek en privaat. Een goed voorbeeld van deze samenwerking zie je terug in de kamers. Daarnaast is het publiek-private netwerk van het IFFC erg sterk, en steeds groeiende. Om dit te blijven ontwikkelen is het van belang dat het IFFC vooroploopt bij de moderne manieren van informatiedeling en kennisontwikkeling, en daarbij speelt data natuurlijk een belangrijke rol. Naast het delen van kennis, gaat dit ook over het gebruiken van data én over het delen van expertise over data. Uit deze expertise valt veel te halen. Het doel van het I-lab is om aan de hand van verschillende data-intensieve projecten met verschillende samenwerkingspartners maatschappelijke nieuwe inzichten te ontwikkelen over wat er mogelijk is om problemen op te lossen.
 

Hoe onderscheidt dit I-lab zich ten aanzien van andere data-labs?

Om te beginnen in de start. We beginnen heel pragmatisch met projecten, deze geven vorm aan het lab en tonen aan wat je allemaal nodig hebt; waarbij we uiteraard ook bestaande ervaringen gebruiken. Verder is ons lab en de werkwijze breder dan de term data-lab doet vermoeden, vandaar de naam I-lab; waar de I kan staan voor IFFC of voor Innovatie. Het verschil zit hem dan ook met name in de reikwijdte. Een data-lab lijkt alleen over data te gaan: je stelt een vraag en krijgt een antwoord, zoals het bij vroegere softwareontwikkeling ging. Daarmee haal je m.i. niet optimaal de informatie en kennis uit de data. Kennis en informatie uit data kunnen een deeloplossing van een probleem leveren. Dit kan een business probleem zijn of een maatschappelijk probleem, zoals fec. Het unieke zit hem dan ook in het feit dat, door de geïntegreerde aanpak, het een geïntegreerd onderdeel van oplossingen vormt. Data en data science zijn naar mijn mening namelijk niet op zichzelf staand, maar onderdeel van een oplossing. Daarnaast is het ook zeker niet standaard, dat wij werken aan publiek-private samenwerking rondom data. Dat is een moeilijke weg die veel publieke en private organisaties vermijden. Omdat de strategie van het IFFC gericht is op het ontwikkelen van een steeds beter werkende infrastructuur voor die samenwerking mag concept-ontwikkeling voor samenwerking met data tussen publieke en private organisaties niet ontbreken.
 

Wat hoop je dat dit lab voor het IFFC gaat betekenen?

Ik denk dat het samen met alle andere initiatieven binnen het IFFC leidt tot een vooraanstaand gerespecteerd kennisinstituut op het gebied van financieel-economische criminaliteit, met impact. Het IFFC biedt een platform voor samenwerking met data om systeemverbeteringen aan te brengen ter voorkoming van fec en om inzicht te krijgen in de financieel-economische aspecten van de misdaad. Dit levert volgens mij een krachtige bijdrage aan de gezamenlijke inspanningen om de negatieve impact (financieel en sociaal) op de maatschappij van deze vormen van criminaliteit terug te dringen.
 

En hoe verhoudt dit zich tot relatie met de Kamers?

Er is wel eens sprake geweest over het opzetten van een aparte data science Kamer. Ik denk, zoals ik al aangaf, dat data science een onderdeel is voor de oplossing van het probleem. Deze problemen en de bijbehorende vraagstukken daar weten de Kamers alles van. Ik vind het daarom van belang dat data science en daarmee het I-lab een faciliterende rol gaat spelen binnen de kamers. Dit kan via projecten, en in ieder geval startend met gesprekken met de kamers gerealiseerd worden; aanwezigheid in en betrokkenheid met de kamers en een goede verstandhouding is hierbij dus van het grootste belang. Zo kan het IFFC op alle gebieden en op efficiënte wijze, profiteren van het I-lab en data science.

Hoe starten we hier mee? Waar begint het I-lab?

We beginnen klein, maar hebben natuurlijk wel een omgeving nodig om de onderzoeken uit te voeren. Deze omgeving hebben we gevonden in samenwerking met de Hogeschool Leiden. De Hogeschool heeft een forensisch lab (IoT-lab) op de HSD-campus waar wij nu een eigen werkplek met eigen server hebben. Daarnaast hebben we een vraagstelling of probleem nodig, en als we ons op data richten, is data nodig. Hiervoor is veel contact met de buitenwereld, middels de partners maar ook door zelf ‘op stap’ te gaan en toenadering te zoeken, om te kijken hoe we kunnen helpen en hoe andere partijen een bijdrage zouden kunnen leveren.
 

Wat zou je nodig hebben?

Al heel veel van onze partners en participanten maken gebruik van data science. Ik zou graag met al deze partijen overleggen over hoe zij data science gebruiken, of er potentiële projecten zijn waar het I-lab een rol in kan spelen, en of zij eventuele best practices kunnen delen, om nog succesvoller te worden met het I-lab. Maar vooral: hoe kunnen we hier gezamenlijk de strijd tegen fec aangaan. Het zou natuurlijk erg mooi zijn wanneer IFFC partners met hun expertise, kennis over bestaande data, menskracht, en/of het aandragen van vraagstukken, mee kunnen helpen om deze vormen van criminaliteit via het IFFC I-lab aan te kunnen pakken.
 

Wat denk je dat de grootste uitdaging wordt van het I-lab?

De continuïteit. We werken nu aan een project van een aantal maanden, waardoor we het I-lab ook de juiste vorm kunnen geven. Maar als het I-lab na dit project drie of vier maanden stil ligt moeten we weer opnieuw beginnen. Dat zou dat zonde zijn. We denken dus nu al na over eventuele vervolg- en/of nieuwe projecten.

Daarnaast is het vertrouwen randvoorwaardelijk. Dat is geen vaag begrip, zeker niet als het gaat om data, en wat hiermee mogelijk is. Het is een zeer gevoelig onderwerp, met reden. Privacy, betrouwbaarheid van data en daarmee de betrouwbaarheid van bevindingen, herleidbaarheid van onze onderzoeken, veiligheid, ethische aspecten van dit type onderzoeken; deze onderwerpen vormen de fundamenten van onze werkwijze in het I-lab. Daarnaast kan data concurrentiegevoelig zijn en zullen onze participanten vertrouwen moeten ontwikkelen dat hun bijdrage ook op dat terrein verantwoord kan worden. Het komt er in feite op neer dat we steeds waardevolle inzichten moeten verkrijgen met respect voor waardevolle principes.
 

Continuïteit is dus ook een van de obstakels. Hoe denk je deze te tackelen?

Ik zou graag deze vraag willen stellen aan de participanten en hun netwerken. Zijn er organisatie-overstijgende vraagstukken bij partners of in de maatschappij waarvoor het IFFC met het I-lab een bijdrage aan een oplossing of oplossingsrichting zou kunnen leveren, en waarvoor ook bereidheid is capaciteit te leveren om dit onderzoek uit te laten voeren? Of daar financiering voor te verkrijgen?  Dit zou helpen in het waarborgen van de continuïteit van de projecten, en daarmee de kennisontwikkeling van het IFFC.
 

Het IFFC is niet de enige met een lab en ook heel veel participanten van het IFFC hebben hun eigen variatie van een data-lab. Waarom zouden ze meedoen met projecten in het I-lab?

En niet zelf uitvoeren? Daar zit zeker iets interessants. Projecten binnen het I-lab zullen niet concurreren met de business van de participanten. Integendeel. Het gaat hier om strategische oplossingen voor maatschappelijke organisatie-overstijgende vraagstukken.  Participant van het IFFC zijn we, omdat we de bestrijding van fec belangrijk vinden, vanuit onze maatschappelijke verantwoordelijkheid. Deze maatschappelijke verantwoordelijkheid kunnen wij als IFFC en zij middels het IFFC nemen.
 

En wat is de droom? Wat hoop je te bereiken met het I-lab?

Heel concreet wil ik een bijdrage leveren aan de publieke en private samenwerkingsomgeving die centraal staat voor de bestrijding van fec. Er zijn veel PPS projecten, bijvoorbeeld gericht op witwassen of andere relevante criminele onderwerpen. Als  platform willen wij deze samenwerking voor beide kanten, zowel publiek als privaat, makkelijker maken; daar waar dat mogelijk is. Als alle kennis en expertise centraal te vinden is, wordt iedereen daar blijer van. Daar ben ik van overtuigd. Het is in ieder geval efficiënt en voorkomt dubbel werk.
 

Is er nog iets anders wat je wil mee geven?

Mail of bel me gerust, om verder te praten, voor verdere toelichting, en voor ideeën die nu bij de lezer opkomen. Samenwerken zie ik als samen werken, en daarbij hoort zeker in gesprek zijn met elkaar.  

(20 december 2018)